Samen Spreken
Samen Denken
Samen Werken

home wie wij zijn wat wij doen en voor wie publicaties contact

Achtergrondliteratuur

Hieronder hebben we een selectie opgenomen van boeken die in onze eigen gedachtevorming over vrije ruimte, de vrije kunsten en filosoferen in organisaties de afgelopen jaren een belangrijke rol hebben gespeeld. U vindt deze literatuuropgave terug in ons boek Vrije ruimte, filosoferen in organisaties. De literatuuropgave heeft dezelfde structuur als de daar opgenomen hoofdstukken.

 

Hoofdstuk 1. Scholing en vrije ruimte

Een goede en eenvoudige inleiding in het gedachtegoed van de klassieke filosofen is het boek van Klaus Held, Trefpunt Plato. Een belangrijke en leesbare basistekst voor ons boek is Hannah Arendt’s bundel Politiek in donkere tijden, met name haar opstel Filosofie en politiek. Soortgelijke ideeën zijn op een eenvoudige manier beschreven in de beginhoofdstukken van Nussbaum’s Cultivating Humanity. Inleidend, meer toegespitst op het bedrijfsleven, maar een beetje Amerikaans, is Tom Morris’ boek, If Aristotle Ran General Motors. Moeilijker, filosofischer en dieper gravend is Nussbaum’s indrukwekkende boek The fragility of goodness. Een ander standaardwerk dat ten grondslag ligt aan dit boek is Ilsetraut Hadot, Arts liberaux et philosophie dans la pensée antique, dat een uitgebreid en precies overzicht geeft van inhoud en ontwikkeling van de vrije kunsten in de klassieke oudheid. Op het gebied van management en leren in organisaties zijn de boeken van Peter Senge omvattend, instructief en leesbaar. Datzelfde geldt voor het boek van Stephen Covey, De zeven eigenschappen van effectief leiderschap. Het belang van dialogen en de denkhouding die daarbij hoort wordt treffend geïllustreerd en theoretisch onderbouwd in André Wierdsma’s boek Co-creatie van verandering. Een goed leesbare hedendaagse inleiding in de deugdenleer is André Comte-Sponville’s Kleine verhandeling over de grote deugden.

 

Arendt, Hannah (1999), Politiek in donkere tijden. Essays over vrijheid en vriendschap. Boom, Amsterdam.

Comte-Sponville, André (1997), Kleine verhandeling over de grote deugden. Atlas, Amsterdam/Antwerpen.

Covey, Stephen (1993), De zeven eigenschappen van effectief leiderschap. Business Contact.

Hadot, Ilsetraut (1984), Arts liberaux et philosophie dans la pensée antique. Paris, Etudes Augustiniennes.

Held, Klaus (1992), Trefpunt Plato. Een filosofische reisgids door de antieke wereld. Rainbow pocket. Uitgeverij Maarten Muntinga, Amsterdam.

Morris, Tom (1997), If Aristotle Ran General Motors. Henry Holt & Cy, New York.

Nussbaum, Martha (1986), The fragility of goodness. Cambridge University Press, Cambridge.

Nussbaum, Martha (1997), Cultivating humanity. A classical defense of reform in liberal education. Harvard University Press, Cambridge, Massachusetts.

Senge, P. (1990). The fifth discipline. The art and practice of the learning organization. Doubleday, New York. Senge, P. e.a. (1995). The fifth discipline fieldbook. Nicholas Brealy Publishing, London. Senge, P., e.a. (2000), De dans der verandering. Schoonhoven, Academic Service.

Wierdsma, André (1999), Co-creatie van verandering. Eburon, Delft.

 

Hoofdstuk 2. Op zoek naar de Rede (dialectica)

Over de Socratische dialoog en andere vormen van dialoog en hun rol in organisaties is inmiddels heel wat literatuur beschikbaar. We geven hier een selectie. Dit boek is een vervolg op het boek van Jos Kessels, Socrates op de markt. Een goede algemene inleiding op de kunst van het voeren van dialogen is (ondanks de titel) het boek van Michael Kahn, De Tao van het gesprek. Praktisch zijn ook de boeken van Dixon en Ellinor & Gerard. Theoretischer is het boek van Bill Isaacs, een van de voortzetters van de dialoogvorm die door David Bohm is ontwikkeld. Bohm’s korte werkje On dialogue is nog steeds een inspirerende tekst, evenals de transscriptie van een weekend seminar met hem over dialoog, Unfolding Meaning. Uit diezelfde traditie stamt het leesbare en praktische artikel van Schein. Praktisch is ook het boekje van Verhoeven en IJsselsteijn, De kunst van het vragenstellen.

Filosofischer is Nelson, De socratische methode, waarin naast de praktische ambities van deze pionier vooral de neokantiaanse herinterpretatie van Plato en Socrates centraal staat. Praktischer, maar wel met een flinke dosis theorie, uit de hoek van Habermas, is het boek van Martin Hetebrij, Communicatief Management. Wie zich aan het oorspronkelijke filosofische werk wil wagen, de socratische dialogen van Plato, kan het beste beginnen met de Apologie. Die tekst is ook voor beginners leesbaar en geeft een treffende schets van Socrates’ opvatting over de rol van filosofie in de samenleving. Een goede inleiding op het werk van Plato is Decorte, De uitgelezen Plato.

 

Bohm, David (1985), Unfolding Meaning. A weekend of dialogue with David Bohm. Ark Paperbacks, London.

Bohm, David (1996), On dialogue. Routledge, New York. Decorte, Jos (2000), De uitgelezen Plato. Samengesteld en ingeleid door Jos Decorte. Lannoo/Boom, Amsterdam.

Dixon, Nancy (1998). Dialogue at work. Making talk developmental for people and organizations. Lemos & Crane, London.

Ellinor, Linda & Glenna Gerard (1998). Dialogue. Rediscover the transforming power of conversation. John Wiley & Sons, New York.

Hetebrij, Martin (2000), Communicatief Management. Tussen macht en communicatie. Samsom, Alphen aan den Rijn.

Isaacs, William (1999). Dialogue and the art of thinking together. Currency, New York. Kahn, Michael (1995). De TAO van het gesprek. De kunst van het luisteren. Rainbowpocket, BZZToH, ’s Gravenhage.

Kessels, Jos (1997), Socrates op de markt, filosofie in bedrijf. Boom, Amsterdam.

Nelson, L. (1994). De socratische methode. Inleiding en redactie Jos Kessels. Boom, Meppel, Amsterdam.

Schein, E.H. (1994). Over dialoog, cultuur en het leren in organisaties. HRM-select, 3: 23-33.

Verhoeven, Willem en Henk IJsselsteijn (1997). De kunst van het vragenstellen. Associatie voor Coaching, Aarle Rixtel.

Win, X. de, (1980), Plato, Verzameld Werk, vertaald door Xaveer de Win. Ambo, Baarn.

 

Hoofdstuk 3. Vrijmoedig spreken (retorica)

Er zijn allerlei boeken over de techniek van het spreken of de kunst van het debat. Eenvoudig en inleidend zijn de boekjes van Van Eemeren en Grootendorst. Uitvoeriger en meer praktijkgericht zijn de boeken van Peter van der Geer, voortrekker op het gebied van debat in Nederland. Een prachtige mix van moderne praktijk en klassieke retorica is te vinden in het boek van Marjon Spolders-van Es, Het winnende woord. Een soortgelijke mengeling, zij het meer theoretisch dan praktisch uitgewerkt, is te vinden in de boeken van J.P.Guépin. Praktisch is weer wel het boek van Braet en Berkenbosch, Debatteren over beleid. Goede theoretische standaardwerken in het Nederlandse taalgebied zijn de boeken van Perelman, IJsseling en Van Eemeren, Grootendorst, Kruiger. Zij zijn alledrie al van wat oudere datum, net als het voortreffelijke boekje van Leeman en Braet, Klassieke retorica. Onlangs is daar Gerbrandy’s magistrale vertaling van Quintilianus aan toegevoegd. Net als dat werk is ook Aristoteles’ Retorica nog steeds de basis van de moderne retorica (helaas nog niet in het Nederlands vertaald), tezamen met Cicero’s Drie gesprekken over redenaarskunst. Michel Foucault heeft zich uitgebreid verdiept in het woord parresia. De bandopnames van zijn colleges daarover zijn toegankelijk vertaald.

 

Aristotle (1991), The art of rhetoric. Translated with an introduction and notes by H.C. Lawson-Tancred. Penguin Books, London 

Braet, A., R. Berkenbosch, (1989), Debatteren over beleid. Beknopte handleiding voor academisch debatteren. Wolters-Noordhoff, Groningen.

Cicero (1989). Drie gesprekken over redenaarskunst. Weten-denken-spreken. Vertaald en toegelicht door Hedwig W.A. van Rooijen-Dijkman en Anton D. Leeman (1989), Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam.

Eemeren, F.H. van, R. Grootendorst, T. Kruiger (1986), Argumentatietheorie. Martinus Nijhoff, Leiden.

Eemeren, Frans van, Rob Grootendorst (1994), Dat heeft u mij niet horen zeggen, Drogredenen van A tot Z. Uitgeverij Contact, Amsterdam.

Eemeren, Frans van, Rob Grootendorst (1996), Waar slaat dat nou weer op? De taal van het meningsverschil. Uitgeverij Contact, Amsterdam.

Foucault, Michel (1989), Parresia: vrijmoedig spreken en waarheid. Stichting voor filosofisch onderzoek/Krisis, Amsterdam.

Geer, Peter M. van der (1995). Werken aan debatvaardigheden. Elsevier/De Tijdstroom, Maarssen.

Geer, Peter M. van der (2002). De kunst van het debat Geer, Peter van der (1999). Het Lagerhuis. De kunst van het debatteren. Kosmos-Z&K Uitgevers, Utrecht/Antwerpen.

Guépin, J.P. (1983). De Beschaving: dialectiek, de taal der hartstochten, de mening van de ander, het bloedig fundament van de beschaving. Amsterdam, Bert Bakker.

Guépin, J.P. (1994). Het verschil van mening. Ambo, Baarn.

IJsseling, S. (1975), Retoriek en filosofie. Wat gebeurt er wanneer er gesproken wordt? Acco, Leuven.

Leeman, A.D., A.C. Braet (1987), Klassieke retorica, Wolters-Noordhoff, Groningen.

Perelman, Ch. (1977), Retorica en argumentatie. Ambo, Baarn.

Quintilianus (2001), De opleiding tot redenaar. Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Piet Gerbrandy. Historische uitgeverij, Groningen.

Spolders, Marjon (1997), Het winnende woord. Succesvol argumenteren. Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam.

 

Hoofdstuk 4. Het kleine en het grote verhaal (grammatica)

Boeken over de kunst van het schrijven, ook voor organisaties, leggen maar zelden een verband tussen het kleine en het grote verhaal, zoals dat in dit boek centraal staat. Noch speelt een notie als vrije ruimte er een rol in. Handleidingen voor het schrijven van zakelijke teksten of betogen, zoals die van Snoeck Henkemans of Koetsenruijter en Slot, zijn puur technisch gericht - en overigens in hun soort uitstekend. Om een groter verhaal te kunnen schrijven zijn echter heel andere technieken vereist, die meer verwant zijn met de literatuur. Een goede inleiding in dat genre is Renate Dorrestein’s boek Het geheim van de schrijver, of een ouder boek zoals dat van John Gardner, The art of fiction. Moderne klassiekers op dat gebied zijn de boeken van Rutger Kopland, waar we in verschillende hoofdstukken uit citeren. Diens poëtica is van meer belang voor de praktijk van management en organisatie dan in de bedrijfskunde doorgaans wordt beseft. Zie bijvoorbeeld het mooie artikel van Edu Feltmann, Poëtica: de vierde dimensie van adviseren. Een directe toepassing van poëtica voor organisaties is Erik de Haan’s prachtige boekje King Lear voor adviseurs en managers. Een belangrijke basistekst voor de poëtica is nog steeds Aristoteles’ geschriftje Over poëzie, onlangs door Ben Schomakers vertaald. Twee boeken die laten zien hoe een verhaal onze waarneming van wat er gebeurt in een organisatie ingrijpend kan wijzigen zijn Gareth Morgan’s Beelden van organisatie, en Joop Swieringa’s en Bianca Elmers’ boek In plaats van reorganiseren (over het verschil tussen reizigers en trekkers). Een voorbeeld van hoe je uit kleine verhalen grote vormt is het praktijknabije boekje van Udo Rosenthal e.a., Ambtelijke vertellingen. Een beroemd boek uit de literatuurtheorie dat we voor dit hoofdstuk gebruikt hebben is Frank Kermode’s The sense of an ending. Het is natuurlijk ondoenlijk goede voorbeelden te gaan noemen van ‘woorden die werken’, die zijn er teveel. We beperken ons hier tot een verwijzing naar de in de tekst genoemde boeken van Montaigne en Nietzsche, beiden grootmeesters in het schrijven.

 

Aristoteles (2000), Over Poëzie. Vertaling, inleiding, annotatie en nawoord Ben Schomakers. Damon, Leende.

Dorrestein, Renate (2000), Het geheim van de schrijver. Uitgeverij Contact, Amsterdam.

Gardner, John (1983), The art of fiction. Notes on craft for young writers. Vintage Books, New York.

Feltmann, Edu (2001), Poëtica: de vierde dimensie van adviseren. Een taal- en letterkundig interpretatie van het adviesproces, als sleutel naar het beroepsgeheim van adviseren. In: Léon de Caluwé en Aernoud Witteveen (red.), Organisatieadvies: wat is dat? Scriptum Management, Samson, 2001, 132-154.

Haan, Erik de (1997), King Lear voor adviseurs en managers. Het adviesproces als drama. Scriptum Management.

Kermode, Frank (1966), The sense of an ending. Studies in de theory of fiction. Oxfrord University Press, Oxford.

Koetsenruijter, Willem, Pauline Slot (1990), Het schrijven van betogen. Handleiding voor het opstellen van argumentatieve teksten. Wolters-Noordhoff, Groningen.

Kopland, R. (1995), Het mechaniek van de ontroering. G.A. van Oorschot, Amsterdam.

Kopland, R. (1998), Mooi, maar dat is het woord niet. G.A. van Oorschot, Amsterdam.

Montaigne, Michel de (1993), Essays, 1572-1592. Amsterdam, Boom.

Morgan, Gareth (1992), Beelden van organisatie. Schiedam, Scriptum Books.

Nietzsche, Friedrich (2000), Menselijk, al te menselijk. Amsterdam, Arbeiderspers. Nietzsche, Friedrich (..), De vrolijke wetenschap. ..

Rosenthal, U. (2000), Ambtelijke vertellingen. Over verschijnselen die niet onbenoemd mogen blijven. Utrecht, Lemma.

Snoeck Henkemans, A.F. (1989), Schrijven. Handleiding voor het opstellen van zakelijke teksten. Wolters-Noordhoff, Groningen.

Swieringa, Joop, Bianca Elmers (1996), In plaats van reorganiseren. Groningen, Wolters-Noordhoff.

 

Hoofdstuk 5. Meesterschap (ethica)

Makkelijk leesbare en nog steeds inspirerende teksten zijn het ‘zakboekje’ van Epictetus en de Brief over het geluk van Epicurus. Datzelfde geldt voor het reflectieve dagboek van de beroemde leerling van Epictetus, Marcus Aurelius’ Persoonlijke notities. Een moderne variant daarvan die ook steeds weer herdrukt wordt is het dagboek van Dag Hammarskjöld, Merkstenen. Ook Cicero’s Gesprekken in Tusculum of Seneca’s Dialogen zijn voor de moderne lezer goed te lezen en bieden handvatten en inspiratie voor meesterschap.

Een goed en leesbaar overzicht van de klassieke scholen en hun opvattingen over meesterschap is Nussbaum’s The therapy of desire. Nussbaum heeft een voorkeur voor de Aristotelische school. Pierre Hadot heeft een voorkeur voor de stoïcijnse school, zoals hij laat zien in zijn Philosophy as a way of life, en sterker nog in The inner citadel, een commentaar op de persoonlijke notities en spirituele oefeningen van Marcus Aurelius. Een gedegen Nederlandstalige inleiding in het denken van de klassieke scholen is Jacques Graste’s Zorg voor de psyche. Ook van Foucault, die zich uitvoerig heeft bezig gehouden met de klassieke opvattingen, zijn verschillende boeken in het Nederlands vertaald, waaronder Het gebruik van de lust en De zorg voor zichzelf. De basistekst voor veel hedendaags werk zoals dat van Nussbaum is Aristoteles Ethica Nicomachea. Die is echter veelomvattend en niet makkelijk te lezen. Goede, gedegen inleidingen daarin zijn die van Urmson en van Reeve. Een interessante klassieke tekst, waarin de verbinding tussen persoonlijk meesterschap en maatschappelijke betrokkenheid centraal staat, is Cicero’s On duties.

Moderne, hedendaagse teksten over meesterschap zijn bijvoorbeeld die van Robert Quinn, over Persoonlijk meesterschap in management, en algemener Thomas Moore’s Zorg voor de ziel. Ook het bij Hoofdstuk 1 al genoemde boek van Covey is een voorbeeld van zo’n tekst. Net als de bovengenoemde teksten uit de oudheid zijn ook moderne teksten over meesterschap pas werkelijk werkzaam wanneer zij ingebed zijn in de praktijk van een school. Een inspirerend voorbeeld daarvan is het werk van Hans Knibbe en zijn School voor Zijnsoriëntatie. De teksten die hij schrijft zijn deel van een levende en rijke praktijk. Er is een aanzienlijke overlap tussen de werkwijzen van deze school en die van de klassieke filosofische scholen, ook al zijn er tevens grote verschillen en heeft Knibbe zijn wortels in de niet-westerse filosofie (boeddhisme). Een prachtig boekje uit de christelijke traditie is Wil Derkse’s vertaling van de monastieke Benedictijnse spiritualiteit naar het dagelijks leven.

 

Aristoteles (1999), Ethica Nicomachea. Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Christine Pannier en Jean Verhaeghe. Historische uitgeverij, Groningen.

Cicero, Marcus Tullius (1991), On duties. Edited by M.T. Griffin and E.M. Atkins. Cambridge University Press, Cambridge.

Cicero, Marcus Tullius (1980), Gesprekken in Tusculum. Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Cornelis Verhoeven. Ambo, Baarn.

Derkse, Wil (2000), Een levensregel voor beginners. Benedictijnse spiritualiteit voor het dagelijks leven. Lannoo, Tielt.

Epictetus (z.j.), Encheiridion, handboekje, gevolgd door capita selecta uit ‘de gesprekken’. De Driehoek, Amsterdam. Of: Epiktetos (1994), Zakboekje: wenken voor een evenwichtig leven. SUN, Nijmegen.

Epicurus (1995), Brief over het geluk. Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Keimpe Algra. Historische Uitgeverij, Groningen.

Epicurus (1998), Over de natuur en het geluk. Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Keimpe Algra. Historische Uitgeverij, Groningen.

Foucault, Michel (1984), De zorg voor zichzelf. SUN, Nijmegen.

Foucault, Michel (1984), Het gebruik van de lust. SUN, Nijmegen.

Graste, Jacques (1997), Zorg voor de psyche. Een archeologie van de psychotherapie. Nijmegen University Press, Nijmegen.

Hadot, Pierre (1995), Philosophy as a way of life. Spiritual exercises from Socrates to Foucault. Blackwell, Oxford UK.

Hadot, Pierre (1998), The inner citadel. The meditations of Marcus Aurelius. HarvardUniversity Press, Cambridge, Massachusetts.

Hammarskjöld, Dag (1998), Merkstenen. Uitgeverij Kok, Kampen.

Knibbe, Hans (2001), Handboek Zijnsoriëntatie. School voor Zijnsoriëntatie, Utrecht.

Hans Knibbe (1999), De niet herkende Boeddha. Servire, Utrecht.

Marcus Aurelius (1994), Persoonlijke notities. Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Simone Mooij-Valk. Ambo, Baarn.

Moore, Thomas (1993), Zorg voor de ziel. Naar toewijding in het dagelijks leven. Servire, Cothen.

Nussbaum, Martha (1994), The therapy of desire. Theory and practice in Hellenistic ethics. Princeton University Press, Princeton.

Quinn, Robert (1998), Persoonlijk meesterschap in management. Voorbij rationeel management. Academic Service, Schoonhoven.

Reeve, C.D.C. (1995), Practices of reason. Aristotle’s Nicomachean Ethics. Clarendon Press, Oxford.

Seneca, Lucius Annaeus (1996), Dialogen. Inleiding, vertaling en aantekeningen door Tjitte H. Janssen. Boom, Amsterdam.

Urmson, J.O. (1988), Aristotle’s Ethics. Blackwell, Oxford UK.

 

Hoofdstuk 6. Het filosofische leven

Plato’s opvattingen over leiderschap, politiek en de organisatie van ‘het goede leven’ zijn nog altijd een levendig studieobject. De beste manier om daar kennis van te nemen is een van de vele inleidingen over Plato te lezen, bijvoorbeeld die van de eerder genoemde Klaus Held of Jos Decorte, of de hieronder opgenomen van Cornford of Melling, en daarna bijvoorbeeld Plato’s Apologie of een selectie uit zijn werk, zoals Gerard Koolschijn’s Plato, schrijver. Koolschijn is tamelijk kritisch ten

opzichte van Plato, in het voetspoor van Popper’s frontale aanval op hem in The open society and its enemies. Een korte en goed leesbare verdediging is Ackrill’s opstel What is wrong with Plato’s Republic? Uitvoeriger, maar leesbaar en inspirerend, is Nettleship, Lectures on the Republic of Plato. Een interessant, persoonlijk geschreven essay over Eros en transcendentie bij Plato is te vinden in Otto Duintjer’s Onuitputtelijk is de waarheid, waarin tevens allerlei dwarsverbanden tussen westerse en oosterse filosofie worden gelegd.

De literatuur over Plato is uitgebreid en vaak specialistisch (bv. Irwin, Kahn, Reeve). Zelfs de essays van een schrijfster als Iris Murdoch, overtuigd platonist, zijn voor niet-ingewijden niet makkelijk te lezen. Een leesbare Nederlandstalige inleiding over de allegorie van de grot is te vinden in De Vogel. Cornelis Verhoeven heeft verschillende leesbare en diepgravende essays geschreven over Plato’s kennistheorie. Overigens zijn Plato’s Politiea en Symposium, dankzij de voortreffelijke vertaling van Koolschijn, ook goed te lezen voor iemand die bestand is tegen enige analytische scherpte. Een uitstekend maar specialistisch commentaar op het Symposium is dat van Leo Strauss.

 

Ackrill, J.L. (1997), What is wrong with Plato’s Republic? In: Essays on Plato and Aristotle, Oxford University Press, 230-251.

Cornford, F.M. (1932, 1999), Before and after Socrates. Cambridge University Press, Cambridge.

Duintjer, Otto (2002), Onuitputtelijk is de waarheid. Damon, Budel.

Irwin, T. (1995), Plato’s Ethics. Oxford University Press, Oxford.

Kahn, C.H. (1996), Plato and the socratic dialogue. Cambridge University Press, Cambridge.

Koolschijn, Gerard (1992), Plato, schrijver. Liefde, onzekerheid, rechtvaardigheid, verstarring. Teksten gekozen en vertaald door Gerard Koolschijn. bert Bakker, Amsterdam.

Melling, David J. (1987), Understanding Plato. Oxford University press, Oxford.

Murdoch, Iris (1997), Re-reading Plato, 1964-86. In: Existentialists and mystics, writings on philosophy and literature, Part Seven, p. 297-531. Penguin Books, New York.

Nettleship, R.L. (1967), Lectures on the Republic of Plato. London, Macmillan. Plato (1991), Constitutie, Politeia. Vertaald door Gerard Koolschijn. Atheneaum-Polak & Van Gennep, Amsterdam.

Plato (1985), Symposium. Vertaald door Gerard Koolschijn. Atheneaum-Polak & Van Gennep, Amsterdam.

Popper, Karl (1971), The open society and its enemies. Volume 1, Princeton, Princeton University Press.

Reeve, C.D.C. (1988). Philosopher-kings. The argument of Plato's Republic. Princeton University Press, Princeton, New Jersey.

Strauss, Leo (2001), On Plato’s Symposium. The University of Chicago Press, Chicago.

Verhoeven, Cornelis (2000), De ogen van Plato. Boom, Amsterdam.

Verhoeven, Cornelis (2001), Plato, Zevende brief. Ingeleid en vertaald door Cornelis Verhoeven en Ben Schomakers. Damon, Budel.

Vogel, C.J. de (1983), Plato, de filosoof van het transcendente. Het Wereldvenster, Bussum.

 
English

Achtergrondliteratuur

Artikelen

Boeken

Boeken met een bijdrage van ons

Interviews

Lezingen

Materiaal

Nieuwsbrief

Recensies

Scripties

Video- en audioclips

Nieuws
Socratisch cafe Eindhoven: 4 september 2017: thema 'flexibiliteit'
 
Zomerreces: bereikbaarheid bureau Het Nieuwe Trivium
 
Duurzame samenwerking met de Velosoof
 
Bijdrage aan essay 'Weerwoord en waarheid'
 
Fractie op zoek naar aandachtspunten voor gemeenteraadsverkiezingen
 
Meer nieuws >>
 
Blogs
25 jaar geleden: mijn eerste kennismaking met het Socratisch gesprek in Duitsland | Erik Boers
 
Patientparticipatie: stamelen en tasten door Loudi Langelaan | Blogs
 
Geslaagde retraite "Zwijgen en Spreken" op nieuwe locatie bij de Dominicanen | Erik Boers
 
Mag ik je wat vragen? | Erik Boers
 
Het juiste midden is geen middenweg | Erica Koch
 
Meer blogs >>
 
 

Het Nieuwe Trivium BV, filosoferen in organisaties | Postb. 490 5600 AL Eindhoven | 0646118982 | info@hetnieuwetrivium.nl |